Na de Cito-toets

In de rubriek ‘Na de Cito-toets’ belichten wij onderwerpen die belangrijk kunnen zijn voor de schoolkeuze.

Er zijn vier soorten voortgezet onderwijs. Het praktijkonderwijs, het vmbo, het havo en het vwo. In de eerste leerjaren van al deze schoolsoorten leren de kinderen ongeveer hetzelfde. Daarna zijn er grote verschillen. Het vwo duurt bijvoorbeeld veel langer en het eindniveau ligt hoger. De manier waarop de lessen gegeven worden kan ook per schoolsoort verschillen. Lees verder..

.

.

.

.

.

.

De meeste scholen voor voortgezet onderwijs organiseren in januari en februari een open dag voor leerlingen en hun ouders. Tijdens deze kennismakingsdagen worden u geinformeerd over de mogelijkheden die de school biedt, de manier waarop de school les geeft en wat de school verder aan activiteiten organiseert.

Ook de basisschool geeft vaak voorlichting over de keuzemogelijkheden voor middelbare scholen in de omgeving.

Het is raadzaam om verschillende scholen te bezoeken voordat u een keuze maakt. De onderwijsgids van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bevat een bijlage met vragen die u bij de keuze voor een geschikte school kunt gebruiken. Zo zorgt u ervoor dat u niets vergeet en krijgt u zich op uw persoonlijke indrukken van de verschillende scholen. Lees verder..

.

Leerlingen hebben recht op een bepaald aantal lesuren onderwijs per schooljaar. Hoe het lesrooster eruit ziet en welke kerndoelen het meeste aan bod komen in welk leerjaar, bepalen de scholen zelf.

In de eerste twee leerjaren (en het derde leerjaar havo/vwo) moeten leerlingen ten minste 1040 uur les krijgen. In het examenjaar ligt dit iets lager met 7001000 uur in de schoolbanken. uur en in de tussenliggende jaren zitten scholieren

Wanneer een leraar ziek wordt, plotseling weg moet of een bijscholingscursus volgt, valt er soms ook een les uit. Scholen moeten dan een alternatiefprogramma aanbieden, want leerlingen hebben rech t op voldoende onderwijstijd. Wanneer het al van tevoren bekend is dat lessen gaan uitvallen, kan het rooster ook worden aangepast. Lees verder..

.

De meeste scholen voor voortgezet onderwijs organiseren een open dag om  informatie te geven aan leerlingen en ouders. Maar ook via de schoolgids of het internet kunt u aan extra informatie komen.

Scholen zijn verplicht om een schoolgids uit te brengen voor ouders, verzorgers en leerlingen. In deze gids staan onder meer de uitgangspunten en doelstellingen van de school, de manier van lesgeven, lestijden en vakantieroosters.  De schoolgids wordt jaarlijks gecontroleerd en zonodig vernieuwd.

Daarnaast brengt de onderwijsinspectie elk  jaar in september kwaliteitskaarten uit van de middelbare scholen, die een overzicht geven van de oordelen van de inspectie over bijvoorbeeld de schoolresultaten, de kwaliteit van de leraren en het klimaat op de school. Zodoende kunnen ouders de resultaten van scholen onderling vergelijken. Lees verder..

.

De brugklas duurt een tot twee jaar en is voornamelijk bedoeld om de keuze voor vmbo, havo of vwo nog een tijdje uit te stellen. In de brugperiode gaat de school na wat voor de leerling de meest passende onderwijssoort is. Lees verder..

.

Ouders zijn per wet verplicht om ervoor te zorgen dat hun kinderen naar school gaan. Maar ook de scholieren zelf zijn vanaf hun twaalfde verantwoordelijk voor hun aanwezigheid op school.

Wanneer een leerling vaak of langer dan drie dagen afwezig is zonder redelijke verklaring, stelt de leerplichtambtenaar een onderzoek in en zal hij controleren of de school, de ouders en de leerling zich aan de wet houden.

Als leerlingen zich ernstig misdragen, dan kunnen ze van school worden gestuurd. De school kan een leerling voor maximaal een week schorsen, maar moet dit dan wel melden bij de Onderwijsinspectie.

Een leerling kan ook voorgoed van een school worden gestuurd, maar dit komt zelden voor. Lees verder..

.

.