Mavo-leerling heeft meer kans in gemengde klas
Mavo-leerlingen hebben een grotere kans om het hoger onderwijs te halen als ze in een brugklas zitten met havo’ers. Zo’n gemengde brugklas geeft hen een jaar langer de tijd aan te haken bij het havo-niveau. De prestaties van havo-leerlingen blijven in zo’n gemengde brugklas gelijk.
Dat concludeert het Centraal Planbureau uit eigen onderzoek naar de gevolgen van de vroege selectie in het onderwijs.
Nederlandse scholieren moeten al op twaalfjarige leeftijd kiezen tussen vmbo, havo en vwo. Dat is vroeger dan in veel andere landen. Hierdoor halen minder leerlingen de hogeschool of universiteit, aldus het CPB. Eerder gaf de OESO ook al aan dat een vroege selectie van scholieren een barriere vormt voor de groei van het aantal HBO’ers in Nederland.
Het onderzoek van het Centraal Planbureau.
Het CPB onderzocht de schoolloopbanen van leerlingen die in 1989, 1933 en 1999 instroomden in het voortgezet onderwijs. Het planbureau legde de nadruk daarbij op leerlingen op de mavo (nu het vmbo), omdat deze categorie vaak via het mbo naar het hoger onderwijs moet.
Van alle leerlingen die alleen met andere mavo‘ers in de klas zaten, haalde 22% uiteindelijk een diploma aan hogeschool of universiteit. Mavo-leerlingen die de definitieve schoolkeus pas maakten na een gemengde brugklas van één of twee jaar, hadden meer succes. Van hen haalde 26% een diploma in het hoger onderwijs.
Een mogelijke reden voor positieve effecten van keuze-uitstel voor leerlingen met een mavo-advies is volgens het CPB de mogelijkheid voor scholieren om na de gemengde brugklas direct naar het havo te gaan, wat een directe aansluiting op het hoger onderwijs biedt. Leerlingen krijgen dus langer de tijd om het voor hen optimale niveau te bepalen en houden langer uitzicht op doorstroom naar het hoger onderwijs. Andere mogelijke verklaringen zijn verschillen in onderwijsaanbod en verschillen in het niveau van klasgenoten.
